PHOTO-2018-12-19-12-42-32

Afscheid van een laborant

Een van mijn eerste opdrachten (terug in 2015…) was schrijven voor MaastrichtLAB. Een platform dat excentrieke pioniers wilde koppelen aan zakelijke vastgoedhandelaren. Via de gemeentelijke wegen die soms zo ondoorgrondelijk lijken hielpen zij creatievelingen in Maastricht aan een locatie. Nu mocht ik een van de partner interviewen. Over haar afscheid. Met toch een beetje pijn in mijn hart.

Afscheid van een echte Maastricht-laborant

Na vier jaar komt er voor Carola Janssen een einde aan Maastricht-LAB. Ze zag Caracola landen in Wittevrouwenveld, Temporama uitrollen in de Grote Staat en vele stadsmakers aanschuiven bij de lunch. We gingen voor de laatste keer in gesprek met dé voorvechter van rafelige randjes en misschien wel het enfant terrible van Maastricht-LAB.

De ondernemer

Vanaf juni 2014 was Carola onderdeel van het team van Maastricht-LAB als externe kernpartner. Al jaren bekend met creatieve concepten, duurzaam development en commercieel management was ze een perfecte aanvulling op de gemeentelijke kant van het LAB. “Ondernemers en overheid denken echt anders. Het is altijd belangrijk om feeling te houden met de buitenwereld. We kunnen niet zonder beleidsmakers en Maastricht-LAB heeft goed samengewerkt met externen.”

De enthousiasteling

Als het beste voorbeeld van wat Maastricht-LAB bereikt heeft, noemt Carola meteen Temporama. “Een rijke pandbaas en een creatieve ondernemer hebben elkaar gevonden en zo een platform gegeven aan 52 merken. Dat was echt het summum!” Ook Caracola komt ter sprake. “Dit waren vier krakers vanuit het Landbouwbelang die op zoek gingen naar een eigen ruimte. Wij hebben de Theresiaschool voorgesteld en een omzet gerelateerd huurtraject mogelijk gemaakt.” Caracola laat wat Carola betreft wel zien dat je dergelijke initiatieven altijd moet blijven helpen bij het ondernemerschap.

De kwartiermaker

De laatste periode bij Maastricht-LAB heeft Carola zich ingezet voor het Broedplaatsenbeleid. “We hebben een nul- en eindmeting gedaan. Het aantal broedplaatsen groeit. Ik mis alleen de studenten en de echte ambachten. De nadruk ligt nu op de economische component. Wat dat betreft verkeerd Maastricht nog altijd in een identiteitscrisis: sjiek en sjoenis nog altijd het devies en de rafelige randjes worden opgepoetst. Terwijl die nou net het spannendst zijn. Zoiets moet je niet naar de buitenwijken willen verplaatsen, want deze mensen en functies willen en mogen juist gezien worden.”

De aanwezige

Na een eerste fase waarin Maastricht-LAB intern gericht was, volgden twee fasen waarin de Maastricht-LAB-ers ‘de boer op gingen’. “Toen waren we echt geland in Maastricht. Als je dan de telefoon oppakte, wisten mensen wie je was. Nu komt er weer een periode aan waarin de blik meer naar binnen is gericht. Ik hoop dat ze daarna weer naar buiten gaan en nadrukkelijk aanwezig zijn in de stad.” Over de Week van Nieuw Maastricht: “Dat mag wat mij betreft weer terugkomen. Een moment voor debat, maar ook om lintjes door te knippen. Waarbij ruimte is voor experiment, de mens en de stad.”

De verbinder

Terugkijkend herkent Carola zichzelf in de vier pijlers van Maastricht-LAB. “Vooral in het verbinden”, lacht ze. “Ik heb veel mensen leren kennen en er vrienden aan over gehouden. We hebben geëxperimenteerd, geprogrammeerd en veel geleerd.” Over dat laatste zegt Carola: “Dat zou ik Maastricht-LAB willen meegeven: blijf de nieuwe generatie meenemen in het ontwikkelen van de stad. Daar doen we het namelijk voor.”