CityMagazine over tijdelijkheid en beweging

CityMagazine: altijd een feestje om aan mee te werken! Namens MaastrichtLAB verzorgen mede-stadsreporter Lieke Rijkx en ik hier elke editie de spread. We mogen de mooiste verhalen ophalen in de stad. Over vernieuwers, de buiten-de-paden-wandelaars, de eigenwijzen en de durf-als!

CityMagazine

Mijn artikel gaat over Vormstof:

Vormgeving van porselein krijgt weer een centrale plek in Maastricht

In een van de panden aan het Bassin zitten Marjo de Vries en Jo Schoenmakers met Vormstof. Geen nieuw restaurant, maar het atelier van twee gepassioneerde vormgevers in porselein. Dankzij Maastricht LAB kregen zij in het voorjaar van 2015 een tijdelijke plek in Maastricht.

En waar beter dan in de schaduw van het Sphinx gebouw? “Dat is dus een misvatting” reageert Jo. “Wij zijn meer schatplichtig aan Mosa dan aan Sphinx. Daar werd met porselein gewerkt door echte vakmensen met hart voor de zaak.”

Diezelfde betrokkenheid is te zien bij Vormstof. In deze ruimte zijn bijzondere werken te zien. Door de locatie komt er een grote diversiteit aan mensen langs, waardoor de opdrachten zeer gevarieerd zijn. En er komt veel vakkennis bij kijken. Jo: “Het zelf maken van producten is lange tijd weggeweest. Langzaam zie je nu die typische ambachten gelukkig weer terugkomen.”

“We hebben lang gezocht naar een plek in Maastricht. Telkens vingen we bot. Maastricht LAB is onze muze, zij hebben ons geholpen aan dit pand” vertelt Marjo. “Het is een gezellig buurtje. Ik noem het weleens ‘ons atelier op de camping’. En we leren veel van de andere ondernemers.”

Veel mensen kennen de ware keramische geschiedenis van Maastricht niet, aldus de twee. “Mensen hebben het vooral over Regout en over hoe slecht hij voor zijn personeel was. Terwijl juist de zoon, Louis Regout, zeer begaan was met zijn personeel tijdens de lange glorieperiode van Mosa Porselein” vertelt Marjo.

Hoewel Vormstof erg blij is met hun tijdelijke plek, zijn ze ook kritisch. Jo: “Kunstenaars worden naar mijn mening soms gebruikt om een plek weer hip en interessant te maken. Zodra dit gelukt is, kunnen de kunstenaars vertrekken en stijgen de prijzen.” Dit proces van gentrificatie is volgens Marjo en Jo puur een verdienmodel: “Het is alleen wrang dat als creatieven worden gevraagd om zich ergens te vestigen, er geen geld beschikbaar is om hen te ondersteunen.”

“Tijdelijkheid is goed, maar wij kunnen niet als nomaden elk jaar verkassen met onze ovens en zwaar gereedschap.”